Speech uitreiking 2009
|
||||
| Rienk Postuma neemt trofee in ontvangst uit handen minister Gerda Verburg |
Speech van de minister van Landbouw, Natuur en voedselkwaliteit, G. Verburg, uitreiken Gouden Piramide voor inspirerend opdrachtgeverschap, 28 november 2009.
Dames en heren,
In deze gouden envelop zit de naam van winnaar van de Rijksprijs voor inspirerend opdrachtgeverschap. En weet u wat? Zelfs ik weet nog niet wie het geworden is. De organisatie doet vreselijk geheimzinnig en wil absoluut niet dat de naam van de winnaar uitlekt.
Terecht natuurlijk, want dit is niet zomaar een prijs. Dat blijkt niet alleen uit de betrokkenheid van maar liefst 4 ministeries.
Als je in het voorjaar en najaar, winter en zomer door Nederland gaat, zie je veel landschappen om trots en zuinig op te zijn. Deze prijs gaat zorgen voor een (nog) mooier Nederland. In de vorm van spannende architectuur, een zorgvuldige aanleg van infrastructuur, een respectvolle omgang met ons erfgoed. Of, wat meer op mijn terrein ligt: een attractief landschap dat de moeite waard is voor nu en voor de generaties na ons.
Het is – kortom - een prijs ‘die er toe doet’, want het karakteristieke Nederlandse landschap en de bijzondere natuurgebieden die Nederland rijk is, verdienen de aandacht en bescherming die juist een opdrachtgever kan geven.
En die opdrachtgever kan het Rijk zijn, maar hoeft dat vaak ook niet te zijn. Sterker, de laatste jaren zien we een stijging in het particulier opdrachtgeverschap. In Friesland is bijvoorbeeld het bouwen van een eigen huis heel normaal. Maar ook steeds vaker nemen anderen – zoals u, de genomineerden - het voortouw.
En dat levert soms prachtige, heel verassende resultaten op. Ook dit jaar – met als thema gebiedsontwikkeling - liepen de inzendingen erg uiteen. Ik ben overigens blij verrast door het feit dat bij de genomineerden, er maar liefst drie bij zitten met een landschappelijke component in het ontwerp.
Toeval? Nee, dat denk ik niet. Ik zie het als een voorbode voor wat de toekomst ons brengen gaat. Want laat ik meteen maar een heel actueel thema bij de kop vatten: de bevolkingsdaling op het platteland. Door gebrek aan werk of sociale voorzieningen trekken met name de jongeren naar de stad, waardoor complete regio’s vergrijzen. Het is een trend die ook Nederland aandoet. We zullen dan ook met creatieve oplossingen moeten komen, die – vind ik - voor een deel ook uit de koker van ontwerpers en opdrachtgevers moeten komen. Hoe zorgen we ervoor dat we van krimp een kans maken. Dat gebieden aantrekkelijk blijven en misschien wel nog aantrekkelijker worden.
Natuurlijk, de overheid moet zelf ook met de hand aan de ploeg. En dat doen we ook: het Rijk investeert voor 3,5 miljard euro (tot 2013) aan inrichtings- en beheermaatregelen in het landelijk gebied. Denk daarbij aan grootschalige maatregelen voor natuur, landschap en recreatie, maar ook aan de wat kleinere projecten als het herstel van waterlopen en het onderhouden van knotwilgen, poelen en houtwallen. Dit alles overigens in overleg met de provincies.
Echter alleen daarmee redden we het niet. Er moet ook geïnvesteerd worden in de identiteit, in de aantrekkelijkheid van deze gebieden. Dat vind ik niet alleen, dat vinden ook 9 van de 10 Nederlanders die we daarnaar gevraagd hebben. En de helft daarvan is zelfs bereid om daarvoor zelf de handen uit de mouwen te steken. Ze vragen ons wel: Vertel ons wat we kunnen bijdragen.
Daarom zijn we de campagne ‘Een mooier landschap, maak het mee’, gestart. In die campagne geven we voorbeelden wat de burgers zelf kunnen doen, en dat varieert van het aanleggen van een houtwal tot het adopteren van fruitbomen en het onderhouden van een gebied.
Een ander voorbeeld: door het verdwijnen van agrarische bedrijvigheid dreigen er - in de plaats van die monumentale, maar o zo moeilijk te onderhouden historische boerderijen – hier en daar van die standaard-boerderettes met paarden achter witte omheiningen te komen.
Dat is geen goede ontwikkeling. Vandaar dat er allerlei programma’s zijn gestart – denk aan het initiatief Boerderij en Landschap en het Belvedèreprogramma – om eigenaren wegwijs te maken in de mogelijkheden van renovatie en hergebruik, of desnoods functieverandering van hun panden. Om zo de diversiteit en de regiospecifieke identiteit te behouden of te versterken. Zo ben ik dan ook bijzonder blij met de 8 miljoen euro die de EU aan Nederland heeft toegezegd voor het behoud van landschappelijk waardevolle gebieden, zoals de Friesche Wouden en het Groningse Westerkwartier.
Overigens, de bevolkingsdaling op het platteland heeft ook een ander, meer positief gevolg. Doordat de druk op de ruimte in deze gebieden minder groot is, is er meer ruimte – letterlijk en figuurlijk – om bijvoorbeeld de groene beleidsdoelen van LNV na te streven. Denk aan nieuwe natuur/EHS, aan landschap, aan recreatie. Denk aan nieuwe concepten als de stadsboerderij, zorglandgoederen of grote dorpsmoestuinen.
En denk ook aan het topdorp. In 2010 wil LNV starten met experimenten die van een krimpgemeente, een topdorp moeten gaan maken. In de krimpgemeente willen we met de inwoners gaan kijken hoe we de vrijgekomen grond - bijvoorbeeld door sloop van huizen - kunnen gaan gebruiken voor bijvoorbeeld de aanleg van natuur, een mooi landschap, een dorpspark of recreatiemogelijkheden.
Tegelijkertijd willen we de inwoners stimuleren en belonen die initiatieven nemen om hun dorp leefbaar te houden. Denk aan het - onder eigen beheer - starten van een bibliotheek, het opzetten van kinderopvang. Of zoals bijvoorbeeld in een dorp in Friesland gebeurt, het openhouden van de supermarkt door het in dienst nemen van gehandicapten waarvoor subsidie wordt gegeven.
We willen er dus topdorpen van maken, waar het goed wonen is, met betrokken en enthousiaste mensen die zelf de schouders willen zetten onder de leefbaarheid van hun dorp.
Aan interesse is in ieder geval al geen gebrek. Het innovatienetwerk, de Stuurgroep Experimentele Volkshuisvesting, de provincie Groningen en de gemeente Delfzijl willen al graag meedoen. En ik wacht eerlijk gezegd nog op het telefoontje van het onderzoekslaboratorium van de rijksadviseurs.
Daarnaast, dames en heren, gaan we ook gewoon door met het mooier maken van Nederland. Want natuurlijk, onze kinderen en de kinderen van onze kinderen, zijn gebaat bij werkgelegenheid, woonruimte en droge voeten. Maar ze willen ook mooi wonen, in een aantrekkelijk landschap. Dat is dringen in ons mooie maar kleine Nederland met 16 miljoen inwoners met veel ambities
Dat betekent dus dat de aanleg van groen deskundig en landschappelijk verantwoord moet gebeuren. Daarom heb ik ook in mijn Agenda Landschap aangekondigd om 2 miljoen euro beschikbaar te stellen om bij nieuw te ontwikkelen gebieden extra aandacht te besteden aan de kwaliteit en de inpassing in het landschap van het groen.
Dat is overigens een lijn die ik wil doortrekken. Ik wil meer aan het begin van het proces, dus al bij het ontwerp, betrokken worden. Ik ben dan ook bezig om afspraken te maken met de Dienst Landelijk Gebied en Staatsbosbeheer om in de loop van 2010 te gaan werken met ontwerpprotocollen. Dat gaat betekenen dat zij – in het hele proces van ontwerp tot uitvoering en beheer – aandacht besteden aan landschappelijke en ruimtelijke kwaliteit.
Betekent dit dat ontwerper en opdrachtgever in de toekomst in een keurslijf worden gedwongen? Nee. Ik ben minister van het verleiden en stimuleren. Al die partijen – markt of overheid – die zich bezighouden met gebiedsontwikkeling, moeten dat alstublieft blijven doen. Alleen……, iemand moet wel de regie nemen, en dat is de overheid. Hoewel….., en ik haast me om dat erbij te zeggen, mijn ministerie zal bij de uitwerking van onze gebiedsopgaven, die regierol zoveel als mogelijk bij de verantwoordelijke partijen leggen.
Dus dat - dames en heren - hoeft u er niet van te weerhouden om wederom een inspirerende opdracht uit te schrijven. En om - wie weet - hier samen met andere genomineerden (nogmaals) in deze zaal plaats te nemen. Want daar draait het vandaag natuurlijk om.
Beste genomineerden. Ik heb u lang genoeg in spanning gehouden. U heeft een geweldige prestatie geleverd met uw project. U heeft tegenslagen overwonnen en doorzettingsvermogen getoond. En u heeft iedere keer weer creatieve oplossingen gevonden voor onverwachte obstakels. U bent voor mij allemaal kanjers, winnaars.
Maar zo werkt het niet. Er is maar één winnaar van de Gouden Piramide 2009 en die naam zit in deze envelop.
Alles overziend kwam de jury tot de conclusie dat het stimulerende en ruimhartige opdrachtgeverschap van de gemeente en marktpartijen heeft geleid tot een project van hoge architectonische en stedenbouwkundige kwaliteit en dat de verantwoordelijke opdrachtgevers daarom de terechte winnaars zijn van de Gouden Piramide 2009, de Rijksprijs voor inspirerend opdrachtgeverschap: De Key/De Principaal, Talis Woondiensten en de gemeente Nijmegen met het project De Dobbelman.
Persbericht
Rotterdam 24 november 2007
Enschede wint Gouden Piramide 2007 met de herbouw van Roombeek
Rotterdam 24 november 2007
Enschede wint Gouden Piramide 2007 met de herbouw van Roombeek